Vervolg

Mijn allerliefste collega belt. Ik neem ontslag zegt ze. Ik ben in shock. Kan het even niet bevatten. Ze vertelt dat ze de beslissing moet nemen, ze kan niet meer. Ik vind het jammer. Maar Naja, schouders eronder en door. Ik slik het in mijn teleurstelling. We praten nog even wat en we hangen op. Vraag haar wel nog of ze echt goed wil uitzoeken wat haar gevoel haar echt wil zeggen. Dat ze zichzelf de tijd gunt om te kijken wat ze echt wil. Dat deed ik namelijk nooit. Ik liep weg en keek niet meer echt om. We spreken af om later deze week samen te wandelen.

Ik loop de tuin in. Maak eerst koffie. Ga in de zon zitten, even ontspannen. Er komt een vriendje aan de deur, komt binnen. Mijn zoon komt beneden. Ik zit in de tuin., ineens krijg ik een heel naar gevoel van binnen. Het kruipt langzaam omhoog. De hond staat op, loopt naar de tuindeur en begint ineens te blaffen en te grommen. Wat gebeurd er?? Ze heeft nog nooit geblaft. Ik corrigeer haar. Ze gaat weer liggen.

Het gevoel wordt erger en erger en beklemt me. Ik probeer ernaartoe te gaan maar het lukt niet. Ik ga onkruid wieden, verwoed haal ik het onkruid weg. Heb al een week niks gedaan, kon het gewoon niet opbrengen. Huishouden lukt ook maar half, Ik haak snel af elke keer. Ik wijt het eraan dat ik gewoon moe ben.

Maar waarom moe? Ik ben al 4 maanden thuis. Waarom ben ik nog steeds moe? Ik ga weer zitten. Het gevoel wordt weer erger. Ik pak het op en ineens weet ik het. Het is jaloezie. Jaloers dat mijn collega wel weg durft te gaan. Net als Zovelen voor ons al hebben gedaan. Ik ben jaloers, zij gaat gewoon. En wat doe ik? Ik ga weer terug. Maanden heb ik erover gedaan om af te kicken van het werk. Om steeds verder te verwijderden van de stress. En nu ga ik weer terug. Ik wil het niet meer. Ik kan het niet meer besef ik.

Ineens neem ik een besluit. IK STOP ERMEE. ik stop. Ik stop. Ik zeg op. Ik kan niet meer. Ik wil niet meer. Ik doe het niet meer. Ik ben er klaar mee. Ik heb mezelf meer dan 100% gegeven. Alles eruit geperst. Het is klaar.

Ik app een vriendin. Ik zeg mijn baan op zeg ik. Zo dat is eruit. Ze belt me direct. Wat ga je doen zegt ze??!! Ik zeg mijn baan op. Ik kan en wil niet meer. Dat waar ik dacht dat het mij altijd overeind hield blijkt weer mijn valkuil te zijn geweest. Ze zegt doen. Ga ervoor. Het komt wel goed. Er is zoveel werk in de zorg.

Het kan me echt niet schelen wat ik ga doen om te overbruggen. Al moet ik het meest suffe rottige baantje aannemen. Alles liever dan dat ik terug moet.

Mijn vriend appt. Ik kom later. Zit hier nog gezellig met collega’s. Al maanden roep ik dat hij ook meer aan zichzelf moet denken. Dat hij ook een eigen leven nodig heeft. Hij heeft niet echt een sociaal leven. Doet wel lekker zijn eigen ding. Maar vrienden zijn ook belangrijk. Hoe bijzonder. Op het moment dat ik zo een drastisch besluit neem, voelt hij waarschijnlijk vrijheid. De druk valt weg. Veel plezier zeg ik. Geniet vooral!

Ik vertel het hem later aan de telefoon. Ik kan me niet meer inhouden. Ik schreeuw het bijna uit. Ik ga stoppen!! Ik ga weg. Hij komt nog met wat bezwaren. Maar ik ben niet te houden. Ik gil dat niemand mij tegen gaat houden. Niemand. Ik ga weg. Punt. Wat je ook zegt. Hij beseft dat het menens is. Hij leeft ook op gevoel dus hij begrijpt me. Als je voelt dat je moet gaan dan ga. Het komt wel goed met de rest.

We praten nog wat erover als hij thuis is. Mijn coach had gezegd dat ik beter eerst terug kon gaan. Uitzoeken of ik daar een begin kan maken met dat wat Ik wil gaan doen. Ik besef ineens dat ik 3 jaar geleden het werk al niet echt meer een uitdaging vond. Dat ik eigenlijk op zoek wilde naar iets heel anders. Maar ik had geen idee wat dan. Mijn vriend adviseerde mij toen om te blijven om dat eerst uit te zoeken. Er was net een overname. Veel mensen liepen weg. Maar ik bleef. Met nog 2 collega’s. Ik bleef om uit te zoeken of ik daar misschien wel kansen zou hebben liggen. Of ik andere mogelijkheden zou hebben.

Ik besef dat ik uit medelijden voor de ouders en kinderen veel te lang bleef. Dat ik het niet voor mezelf deed. Maar uit medelijden. Net als in mijn huwelijk, bleef ik ook hier voor een ander. Niet voor mezelf. Het slokte mij weer op en ik ging door zonder naar mijn gevoel te luisteren.

Ik lig wakker. Ik voel weer dat gevoel van gisteren omhoog komen. Ik besef dat het angst is. Ik denk aan de hond, daarom begon ze te blaffen en te grommen. Ze voelde angst bij mij. Angst om weer de stap niet te durven zetten besef ik. Om weer terug te gaan en me op te laten slokken. Maar deze keer hoef ik niet bang te zijn. Ik weet nu heel goed wat ik wel en niet wil. Wat ik wel en niet leuk vind. Ik heb mezelf leren kennen. Ik heb mezelf terug gevonden. Ik weet wat ik wil gaan doen. En dat gaat me ook lukken. Linksom of rechtsom. Daarom kan ik nu deze beslissing nemen. Kan ik nu eindelijk voor mezelf opkomen en de beslissing nemen die ik al veel eerder had moeten nemen. De koek is op. Het is klaar. Streep eronder.

Het heeft me dus gelukkig veel gebracht. En eindelijk ga ik ruimte voor mezelf innemen. Eindelijk ga ik doen wat ik wil. Al zal ik misschien niet meteen de goede kant op gaan. Zolang ik mijn gevoel maar volg komt het goed. Als ik maar blijf luisteren. Eindelijk durf ik risico’s te nemen. Eindelijk durf ik voor mezelf op te komen. Eindelijk denk ik niet alleen aan wat een ander nodig heeft maar eerst aan wat ik zelf nodig heb.

Ik wil gelukkig zijn. Niets meer en niets minder. Want als ik gelukkig ben, is de rest dat ook.